‘When its yellow, let it mellow/When its brown, flush it down’ hangt in de wc. Afval wordt gecomposteerd, prachtige kunst hangt aan de muren, langspeelplaten en een pick up doen de muziek, en zoveel geweldige boeken dat ik hier wel een maand wil zitten lezen. Fietsen zijn tussen alle meubilair en muurtjes ook nog te vinden. (Bikers zijn hier echt een community. Ik heb er inmiddels ook een.) Met mijn 2 koffers kan ik hier mijn kont niet keren en vraag me af hoe die 2 kunstenaars dat met de kat in vredesnaam doen..

Bij aankomst word ik gelijk ingelicht over 24 uur Occupy Broadway en of ik wil optreden. Er zijn tot nog toe weinig theaters die aan Occupy meedoen. Want theater is afhankelijk van de rijke geldschieters … Ik denk ‘oef’ en voel me treurig over wat we aan het verliezen zijn in Nederland. Ons systeem maakte ons relatief onafhankelijk.

vrijdag: Broadway 42nd Street. Ze komen als een optocht, soort van carnaval. Vrolijk. Waar we neerstrijken is pal voor de billboard van ‘MamaMia’. Het is koud, de politie reageert opgefokt en met hekken, maar de Occupyers hebben zich goed georganiseerd. Ik luister geboeid naar verschillende optredens en realiseer me dat ik er goed over na moet denken hoe ik dat morgen moet doen. De zinnen moeten kort zijn want het publiek moet alles herhalen wil het verstaanbaar zijn voor iedereen. Met mijn charmante engels red ik het hier niet.

zaterdag: ik sjouw me een lens aan mijn orgel, waar ik logeer is niet dicht bij de underground. Ik merk dat ik tegen het optreden opzie en loop misschien daardoor ook wel een uur om. Als ik op de plek arriveer is de sfeer heel anders. De zon schijnt, iedereen ook de politie is relaxt. Mijn orgel krijgt veel bekijks (maar heeft het weer zwaar te verduren gehad in het vliegtuig.) Oké en dan op en hopen dat ik geen black out krijg en mijn net ingestudeerde tekst onthou…’Linecheck’ zeg ik ‘linecheck’ krijg ik terug. Later kom ik erachter dat het woord natuurlijk ‘mikecheck’ had moeten zijn..  Ik word allerhartelijkst verwelkomd en het is geweldig mijn tekst terug te krijgen van het publiek. We jutten elkaar op en ik krijg zin een hele nieuwe speech te schrijven op deze manier. Ze willen allemaal naar mijn opteden komen in januari en de New York Times zet me voortdurend op de foto. Na mij zingt de tekstschrijver van de legendarische musical Hair.

Iedereen, beroemd of niet, is ontdaan van glamour. Je staat daar tussen de skyscrapers en schreeuwende billboards met niks. Met een akoustisch instrumentje en, zonder microfoons, met mensen die je moeten versterken. Het voelt, ja hoe eigenlijk. Toen we eindigden, deden we dat gezamelijk. In een grote kring zongen we ‘OHM’. Het ontroerde me.

maandag: inmiddels verhuisd naar een ander onderkomen, 12 blokken verder.  Aan de snelweg naar de Brooklynbridge. Niet meer luxe alleen maar gezellig met zijn drieen in 1 ruimte, ik krijg het bed. Af en toe is het ook de repetitieruimte voor de band en ’s nachts parkeren we hier de fietsen. De verwarming is uit, maar de verwarmingsbuis loopt door de kamer en het is stikheet. Mijn ogen zijn opgezwollen. Vandaag 4 meetings, ik zit in een koffietent en verzamel moed.